Ik weet het nog goed. Toen ik wilde studeren en me afvroeg of ik wel genoeg hersens zou hebben, zei een docent: ” Zelfs het ogenschijnlijk meest domme kind kan een graad halen aan de universiteit. Een diploma halen heeft niets te maken maken met intelligentie, maar alles met motivatie en doorzettingsvermogen”.

Een opmerkelijke uitspraak die mij overigens goed heeft geholpen aangezien ik daardoor het idee had dat ik zelf de uitkomst in handen had gekregen. Tegenwoordig moet ik steeds vaker aan deze uitspraak denken.

De toets-terreur

Op dit moment lijkt het wel of alle kinderen in de toets-mal moeten passen. De eerste testen beginnen in groep 3 en kort daarna komen ouders zich melden bij mij als deze test niet goed is verlopen.

De school carrière is begonnen :-( .

Ouders stellen zich de vraag hoe hun kind, meestal jongen, zo snel mogelijk alle letters van het alfabet kan leren. Ik ga in gesprek met de ouders die zich zorgen maken over de leerprestaties van hun jonge kind.

We stellen vast of ze de komende jaren op deze manier door willen gaan en wat ze hun kind gunnen tijdens de schoolperiode. Een gesprek voorbereiden met school, de gehele ontwikkeling van het kind in kaart brengen en bijvoorbeeld het kind stimuleren buiten te spelen zodat de motoriek zich kan ontwikkelen ter voorbereiding op het schrijven, kan vaak lucht geven in de situatie.

Toetsen kennen maar één uitslag en houden helaas geen rekening met dalen en storingen. Als er in de situatie of omgeving van het kind iets gebeurt, (zoals de poes gaat dood, hooikoorts of een iets langere malaise, een echtscheiding, ruzie thuis of oma wordt ziek) dan houdt de toets er geen rekening mee dat het kind langere tijd geblokkeerd is. Er komt domweg weinig tot niets meer binnen, maar omdat de race tegen “de school-doelstellingen-klok” gewoon door jakkert,  gaat het kind veel basis missen.

Vaak is er niemand die het in de gaten heeft want het kind zet geen sticker “ik ben er even niet” op z’n voorhoofd.

Zo kan het kind veel basis lesstof missen die later leidt tot meer scheefgroei.

De onderwijscultuur

Na de basisschool en helemaal op het MBO en HBO wordt leren vooral een communicatie vaardigheid waarin competenties een grote rol spelen.

Vakkennis is uit.

Ik merk dit vooral als ik stagiaires uit het HBO begeleid. Ze weten prima waar de theorie te halen, maar worden beoordeeld op competenties waarbij samenwerking, evalueren op processen en het uiten van je diepste roerselen hoog scoren.

Prachtig, ook een grote hobby van mij, maar wel heel veel vrouwelijkheid! Jongens hebben in de regel niet zo heel veel met reflectie, die willen vooruit en in actie.

Ziedaar een groot hiaat in ons vervrouwelijkt onderwijs. Vanaf groep 1 zijn we de jongens aan het indammen. Eerst mogen ze zich niet uitleven op het schoolplein en als ze die behoefte minder hebben met het klimmen der jaren moeten ze zich gedragen als communicerende meisjes. Aangezien de testosteron het toch wel wint, gaan de jongens links en rechts wat uit de bocht vliegen waardoor hun studie te lastig wordt en ze afhaken.

Allemaal naar het VWO

De meeste ouders willen dat hun kind gelukkig wordt, maar ook dat ze zo hoog mogelijk uitstromen in het onderwijs. Het VMBO heeft een hele slechte naam gekregen en ouders lijken zich soms gewoon te schamen als ze zeggen dat hun kind naar het VMBO gaat.

Ook hier gaat het beter met de meisjes omdat die makkelijker en serieuzer met lesstof omgaan. De jongens hobbelen erachter aan en hebben inmiddels zoveel faalervaringen opgedaan dat ze afhaken. Bovendien hebben ze meestal geen idee wat ze in de toekomst willen doen en daarmee is weer een ingrediënt voor de toekomst op achterstand.

Ouders en leerkrachten zitten er vaak bovenop, maar dit mag niet baten. Jongens kwakkelen hun school carrière door en met een beetje geluk krijgen ze feeling met een beroep wat past.

De hoogbegaafdheid tragiek

Een andere categorie kinderen heeft slimme hersenen. Zij zijn hoogbegaafd, konden al op jonge leeftijd lezen en schrijven en lopen ver voor op de rest van de kinderen. Het kan zomaar een paar jaar duren voor ze erachter komen dat het eens tegenzit. Omdat alles alleen maar heeft meegezeten en ze vaak zijn geprezen om hun prestaties, hebben ze niet leren omgaan met tegenslag en zijn ze juist faal angstig geworden.

Ze vermijden de dingen die ze moeilijk vinden en rollen met gemak door de basisschool. Daarna komen ze zichzelf vaak tegen op het VWO waar door de hoeveelheid en diversiteit het aankomt op doorzettingsvermogen, motivatie en competenties op het gebied van relaties en samenwerken.

Ook het hebben van een baan kan van hoogbegaafde kinderen nogal wat vragen op het gebied van meerdere ballen in de  lucht houden. Hoogbegaafde kinderen die zich eenzijdig alleen op hun IQ zijn blijven doorontwikkelen, kunnen moeite hebben zich in een baan staande te houden.

Leren leren

Willen kinderen hun potentieel waar maken en goed kunnen leren dan is het een voorwaarde dat ze over een aantal vaardigheden beschikken en zich hierin trainen.
Deze vaardigheden hebben onder andere te maken met de zogenaamde executieve functies:

  • Benodigde materialen meenemen en op goede plek hebben
  • Organiseren en het netjes en compleet hebben van materialen
  • Snelheid van werken door opdrachten op tijd af te hebben en op tijd komen
  • Hulp vragen en zelfstandig werken
  • Aantekeningen maken: zelfstandig hoofd en bijzaken onderscheiden en  herordenen
  • Zelfstandig en volledig en zo nodig extra huiswerk maken
  • Flexibiliteit door rustig te blijven bij verandering, multi tasken en wisselen tussen activiteiten
  • Werkgewoonten: zich houden aan de gestelde taak en zelfstandig doorwerken en doorvragen
  • Time management. Haalt de deadline, zelfstandig plannen, prioriteren, agenda goed gebruiken
  • Zelfbeheersing: hand op steken bij vragen, wachten, geen ongepaste opmerkingen maken, niet te hard praten, geen lessen verstoren
  • Emotieregulatie: omgaan met teleurstelling, boosheid en angst in spannende situaties zoals toetsen en kritiek krijgen van leerlingen en leerkracht.

De IQ-illusie

Helaas is het zo dat sommige ouders en onze regering het idee hebben dat als het IQ maar hoog genoeg is, de wereld open ligt voor de kinderen. Niets is minder waar. Steeds meer wordt duidelijk dat vooral jongens ernstig achterblijven in prestaties, meestal door onderontwikkeling van bovengenoemde factoren.

In mijn praktijk zie ik ook significant meer jongens dan meisjes. Aan het IQ mankeert niets, maar er komt n