Let maar eens op: We beginnen kleuters al te vragen wat ze willen worden als ze groot zijn.
Dan is deze vraag nog speels, maar tegen de tijd dat een kind een jaar of 16 is, wordt deze vraag wel degelijk belangrijk.
Immers onze regering heeft besloten dat kinderen steeds langer naar school moeten, dus er moeten keuzes worden gemaakt.
Los van het beroep wat met deze vraag wordt bedoeld, zou je er ook van uit kunnen gaan dat het kind al is wie hij is…..
En met wie het kind is vanuit zijn hele zijn, zal er toch brood op de plank moeten zodat het beroepsleven weer belangrijk wordt :-).

Verwachtingen en leren

Leren is belangrijk en kinderen doen het normaliter graag van nature.
Zeker als ze jong zijn.
Als een kind wat ouder wordt, komen er allerlei invloeden van buitenaf die een rol gaan spelen bij het leren.
Kinderen krijgen complimenten voor dat wat ze goed kunnen en vaak blijkt daar al uit over welke talenten ze beschikken.
Sommige kunstenaars zijn al jong herkenbaar, evenals de denkertjes, de knutselaars en zelfs de onderwijzertjes in de dop.
Een jong kind zal immers van nature zijn eigen expressie en talenten laten zien omdat er nog niets anders voorhanden is.
Het kind “ont-wikkelt” zich gewoon zoals het is.

En dan komt school en met de school de verwachting.
En daar ergens gaat het voor veel kinderen scheef lopen.
Een kind kan zich aan willen passen aan verwachting van ouders en/of leerkrachten of aan eigen gecreëerde verwachtingen.
Door het hebben van verwachtingen kan het zicht op de werkelijke kwaliteiten en talenten van het kind vertroebelen.

Zolang de verwachtingen in de pas lopen met de werkelijkheid is er niets aan de hand.
Zijn de verwachtingen te laag of te hoog, dan gebeurt er iets met het kind.
Bij te lage verwachtingen, kan het zijn dat het kind de verantwoordelijkheid voor leren en de eigen toekomst niet serieus neemt.
Bij te hoge verwachtingen kan het kind afhaken.
Het kind raakt teleurgesteld in zichzelf of wordt te perfectionistisch en haalt daardoor moeilijk de gestelde doelen.
Faalangst is vaak het gevolg van te hoge verwachtingen.
En het gevolg  van faalangst en van het niet nemen van verantwoordelijkheid voor het eigen leven kan zijn afhaken.

Schoolkeuze

Wanneer kinderen naar het vervolgonderwijs gaan, hebben ze op een bepaald moment een doel nodig.
Het is de “be-doel-ing” dat school ergens naar toe leidt.
Voor veel kinderen wordt het steeds moeilijker om te kunnen bedenken wat het doel moet zijn. Havo en Vwo is vaak een doel op zich wat kinderen moeten halen.
Hiervoor een diploma halen wordt in de toekomst steeds moeilijker omdat op een breed scala van vakken hoog gescoord moet worden.

Neem daarbij het bijna oneindig breed aanbod van MBO en HBO beroepsopleidingen en het wordt voor veel kinderen en hun ouders een bijna onmogelijke opgave om tot keuzes te komen. Beroepen worden steeds waziger door onduidelijke benamingen en de aandacht gaat uit naar het eerstkomende cijfer of toetsweek.

In mijn praktijk en in mijn omgeving valt het me op hoe weinig perspectief veel kinderen en jongeren ervaren.
Er wordt máár gekozen voor een opleiding omdat er geleerd moet worden.
Wanneer een opleiding tegenvalt of het geen juiste keus blijkt te zijn, is de toekomst vaak een groot gapend gat.
Neem daarbij dan ook nog eens de huidige jeugdwerkloosheid en depressies en doelloosheid van jonge mensen ligt op de loer.

Het hebben van een doel

Het valt me op dat kinderen en jongeren die een doel hebben, relatief gemakkelijk door hun schoolcarrière rollen.
Of ze nu voor Mbo, Hbo of universiteit kiezen, ze gaan ervoor.
Deze kinderen hebben een blik die verder gaat dan de eerstvolgende toets of de vraag of dat wat ze nu doen wel leuk is.
Faalangst komt naar mijn observatie vrijwel niet voor bij kinderen die een doel hebben.
Hebben ze wel last van een soort van faalangst, dan is dit meestal heel concreet en te overzien.

Kinderen die een doel hebben en weten wat ze willen, hebben ook vaak realistische verwachtingen.
Ze hebben een houding die gericht is op leren én ze weten heel goed dat leren gepaard gaat met fouten maken.
Sterker nog, ze zijn juist heel goed in staat te leren van hun fouten en zien dat als een kans in plaats van een mislukking.
Ze worden gekenmerkt door het hebben van energie en kunnen omgaan met de teleurstelling die het maken van fouten geeft.
Je ziet vaak dat ze nieuwsgierig zijn en leren door observeren en leren van voorbeelden van anderen.
Bovendien kunnen ze flexibel zijn wanneer blijkt dat hun doel aangepast moet worden.

Bij mij thuis

Wij hebben een kind in beide categorieën.
Onze zoon heeft vele talenten, maar kon er soms lastig een doelrichting voor vinden.
Inmiddels is hij breed geschoold met meerdere MBO opleidingen.
Werk hing af van het aanbod van dat moment en vergde hier en daar aanpassing.
Inmiddels werkt hij al een hele poos, ontwikkelt hij zich steeds meer en het zou zo maar kunnen dat hij net als heel veel volwassenen pas na een tiental jaar ontdekt wat hij echt wil worden  (op beroepsgebied :-)).

marijeOnze dochter daarentegen wist altijd wat ze wilde.
Ze ging voor juf, maar toen ze de schietsport ontdekte, wijzigde het doel en werd juf ingeruild voor meester in de rechten.
Inmiddels heeft ze meerdere internationale (gouden) medailles binnen en waren de Olympische Spelen in Rio het doel tezamen met master rechten.
Ze gebruikte motivatie, doorzettingsvermogen