vissenIn de vakantie moest ik eraan denken toen ik op de camping weer vele mensen per dag met hun toiletpapier zag lopen.
Tijdens de lessen ontwikkelingspsychologie en ontwikkeltaken die een kind heeft te vervullen, komt steevast de vraag: ‘Wat te doen met die kinderen die poepproblemen hebben?’  Voor het uitwisselen van praktische tips is het dan handig dat er zo nu en dan iemand van een poeppoli de opleiding tot kindercoach volgt.
Feit is dat er steeds meer kinderen problemen hebben met poepen.

De pedagogische aanpak

In eerste instantie hoort de zindelijkheidstraining natuurlijk thuis in de gewone opvoeding. Ouders hebben hun eigen gewoonten en visie op hoe ze hun kind leren plassen en poepen op de wc. Hun eigen opvoeding speelt hierbij een grote rol. Er wordt gelijksoortig gedacht over de aanpak of ouders hebben een totaal andere visie en volgen een andere koers. Vijftig jaar geleden in de tijd voor de pampers en werkende moeders leerden kinderen vaak veel jonger op het potje poepen dan nu. Door diezelfde pampers, volle agenda’s maar ook kleinere gezinnen is het niet zo’n groot probleem als een peuter nog een poos zijn behoefte in de luier doet. De meeste ouders geven aan dat het kind dit vanzelf gaat leren en gelukkig is dit ook zo. Veel kinderen hebben echter hulp nodig om zindelijk te worden.
Gezonde kinderen leren ergens tussen 1,5 en 4 jaar op het potje of naar de wc gaan. Ouders kunnen opmerken dat het kind plas en poepgedrag vertoont en kunnen daar op inspelen door consequent oefenen en spelenderwijs leren op het potje of naar de wc te gaan.
Zoals alles wat het kind leert, is er ook voor zindelijkheid een optimale periode. Het lichaam heeft de controle over de blaas en sluitspieren, het kind snapt wat de bedoeling is van het potje en de spieren en zenuwen zijn helemaal klaar voor zindelijkheid. Het kind is dan gemiddeld rond de 1,5 jaar en dat kan ook zo maar een half jaar later zijn. Het kind heeft er dan recht op dat zijn ouders en verzorgers geduldig aan de slag gaan met droge broeken, eerst voor het plassen en later voor het poepen.
Inmiddels is het ook duidelijk geworden dat het nalaten van het kind ondersteunen tijdens deze belangrijke ontwikkelingsfase op latere leeftijd kan leiden tot incontinentie door te weinig beheersing over de blaas en sluitspieren. Bij een aantal kinderen gaat zindelijk worden dus niet zo vanzelf als ouders geloven.

De psychologische aanpak

Als een kind plas of poepproblemen heeft, wordt er vaak therapeutisch gekeken. Uiteraard is het van belang om eerst een medische oorzaak uit te sluiten. De therapeutische weg is dat er gekeken wordt naar het kind, zijn gezin en de pedagogische aanpak van de ouders. Er wordt gezocht naar de oorzaak van het probleem binnen het kind en het gezin. Die oorzaak kan te maken hebben met de psychologie van het kind door angst en/of problemen met ontspanning en loslaten. De therapie wordt dan hier op gericht. Met ouders wordt onderzocht hoe hun houding en verhouding invloed kan hebben op het zindelijkheidsprobleem.
Vaak komt het voor dat kinderen in echtscheidingssituaties poepproblemen hebben. Een verschillende pedagogische aanpak van ouders houdt ook vaak de problemen in stand en perfectionisme en moeilijk kunnen loslaten van één van de ouders  wordt ook vaak als oorzaak gevonden. Mocht dit alles spelen dan wordt vooral met ouders gewerkt.

De coachende aanpak

Omdat een coach in niet therapeutisch is opgeleid, kiest deze voor een praktische benadering. Allereerst wordt samen met het kind en de ouders het doel vastgesteld en dit is vaak heel simpel het leren van een droge broek houden. De coach gaat daarna samen met ouder en kind op zoek naar wanneer, bij wie, waardoor en hoe het al goed gaat. Daaruit kunnen op een snelle en trefzekere manier de positieve eigenschappen, de helpende situaties en andere, vaak vergeten, hulpbronnen worden aangeboord. Uit dit onderzoek waarin nadrukkelijk NIET op zoek wordt gegaan naar de oorzaak, komt een actieplan met praktische tips over structuur, voeding en houding en hele kleine leerstapjes. Bijkomstig effect kan zijn dat verschillen in aanpak tussen ouders een voor alle partijen acceptabel  experiment kan opleveren om te onderzoeken wat nog meer helpend kan zijn. Het grappige is dat ouders dan zelf vaak op een bepaald moment vertellen dat ze moeite hebben met loslaten of zo perfectionistisch zijn. Vaak helpt dan een afspraak met de ouders om met hen dezelfde coachende route af te leggen.

De geïntegreerde aanpak

Plas en poepproblemen hebben veel impact op het gezin. Zeker als het kind wat ouder wordt en ook geur en gevoelens van onmacht en onwil een rol gaan spelen. Mijn ervaring is dat in heel veel gevallen kortdurende coaching met een praktische aanpak en tips heel veel helpen. Dit is ook wat op veel poeppoli’s gebeurt en zij kunnen waar er meer nodig is andere professionals inschakelen.
En wellicht zegt het bestaan van de poeppoli’s iets over onze huidige tijd waarin het eigenlijk verbijsterend is dat een dergelijke poli nodig is. Eigenlijk is het triest dat deze poli’s bestaansrecht hebben omdat het om grote aantallen kinderen gaat met deze problemen. Ondanks steeds professionelere kinderopvang en steeds meer en bewuste hoopopgeleide ouders blijven zindelijkheidsproblemen toenemen. Eigenlijk is dat heel raar.

Op de camping moest ik aan alle ins en outs van de poepproblemen denken terwijl ik zelf door andere voeding, ritme en omgeving lichtelijk verstopt zat. De praktische tips over ritme, vaste tijden,voeding en structuur van de poeppoli helpen dan ook heel goed bij de grote mensen. Het inzicht kwam bij mij terwijl ik mijn korte beentjes op een opstapje ( ook een zeer belangrijke tip, de knieën hoger dan de heupen !!) had en mijn lichaam deed wat het moest doen.
Als je goed kijkt naar kinderen, hoef je ze alleen maar te volgen. In onze drukke en vaak vluchtige leven zien we zo maar de signalen over het hoofd. Kijk maar eens een poosje naar de peuters met luier. Als ze zich ontlasten kiezen ze daar de meest natuurlijke houding voor en hoe makkelijk kan het zijn om daar in voor te gaan met leren droog te worden.
De pedagogische aanpak staat altijd voorop en als wij als hulpverleners ouders daarin kunnen ondersteunen en kunnen leren kijken naar hun kinderen, kan dat veel schelen. Praktische en handige tips zijn heel helpend zodat ook de lading van het probleem afgaat en het kind letterlijk de controle over deze belangrijke spieren leert voelen, herkennen en gebruiken. Ieder op zijn eigen tempo en manier. En dan volgt er verder de aanpak die nodig is, al dan niet therapeutisch of coachend. Al hoop ik wel dat de poeppoli’s overbodig worden…….

Lees ook: Uit de praktijk: bedplassen
Lees ook: Spreek jij de taal van je kind?
Lees ook: Vertel..
Lees ook: Je luistert niet naar me
Lees ook: Mopperen, snauwen en terechtwijzen
Lees ook: De zeurende moeder club
Lees ook: Is je kind een paard of een ezel?
Lees ook: Ouders op één lijn, kan dat? 

Wil je informatie over de opleiding tot kindercoach? Lees dan hier verder….
Ben je ouder en wil je een afspraak maken met je kind, lees dan hier verder…
Ken je Ik leer leren al? Bekijk het hier….
De webwinkel van Ninico vind je hier…….
Heb je vragen, neem dan gerust contact op.
De illustratie is van Bianca Snip


Je las een blogartikel van Centrum Tea Adema…

…maar kijk gerust ook eens naar de andere informatie op onze website:

Opleidingen voor (aspirant) kindercoaches en beroepskrachten:

Hulp voor kinderen en hun ouders:

Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen en video’s vol tips en inzichten?

Like dan onze Facebook-pagina of schrijf je in voor onze 2-wekelijkse nieuwsbrief. Allebei mag ook. ;-)