Principes

Therapeutisch helpen is gedoemd te mislukken.
Bam..
Deze uitspraak komt van Bert Hellinger.
Hij stelt namelijk dat bij veel helpers er een verhouding ontstaat tussen degene die weet en degene die niet weet.
Een soort van ouderpositie dus.
En aangezien iemand met een hulpvraag het niet weet, bestaat er het gevaar van terecht komen in een ouder-kind verhouding en daarmee wordt de hulpvrager per definitie zwak

Steve de Shazer noemde helpen een tikje op de schouder.
Je kunt iemand helpen door hem zacht een tikje te geven en samen de opties te ontdekken.
Je gaat ervan uit de je klant competent is en de expert is van zijn eigen leven.

Deze beide mannen zijn met hun visie voor mij de richtingaanwijzers voor coaching.
Coaching bij kinderen en hun ouders gaat over ontwikkelingsgerelateerde hulpvragen en is dus voor gezonde mensen die even een hobbel ervaren in hun ontwikkeling van kind of ouder.

En hoe mooi past daar een ’tap on the shoulder’  bij waarbij de ander in zijn eigen sterke positie blijft en jij even meeloopt?

Waar kan het fout gaan?

Kindercoaching is een vakgebied zonder regels en protocollen.
Vanuit onderwijsland zijn er geen officiële opleidingen voor kindercoaching en daarmee ook geen getoetste richtlijnen. Opleidingen vallen in de categorie bijscholing voor mensen die meestal al zijn geschoold in het werken met kinderen of zich omscholen vanuit andere vakgebieden.
Dit betekent dat iedere coach zelf moet ontdekken hoe de beste manier van helpen ingezet kan worden.
En dan zijn er best een aantal zaken die aandacht verdienen. Je kunt dan denken aan de volgende zaken in willekeurige volgorde:

1- De behoefte van de coach om te helpen

Een kind heeft het zwaar en als IK dan wil helpen, vergeet ik te kijken naar welke behoefte het kind en zijn ouders zelf hebben in de eigen omstandigheden.
De oorzaak ligt vrijwel altijd in eigen tekorten in de kindertijd waardoor er een sterke eigen behoefte is om kinderen te behoeden voor pijn die zelf ooit ervaren is.
Het gevaar heet overdracht en tegenoverdracht.
Je vult dan in hoe zwaar de situatie voor de ander is en weet hoe de oplossing eruit ziet zonder goed te onderzoeken wat werkelijk nodig is.

2- Meegaan in de klacht van kind en ouders

Er wordt teveel op emoties van het moment ingegaan in plaats van te kijken wat een evenwichtige ontwikkeling van een kind nodig heeft voor zijn toekomst.
Meerzijdige partijdigheid, dat wil zeggen het belang van alle betrokkenen, wordt uit het oog verloren.
Er wordt alleen gekeken naar wat nodig is en vergeten wordt te onderzoeken naar wat ook verschuldigd is.

3- Ouders buiten de deur houden

De meeste hulpverlening aan kinderen is alleen met het kind zelf en ouders worden op een later moment bijgepraat.
Ouders missen dan de interactie en de voorbeelden en kunnen niet ter plekke ingeschakeld worden als de belangrijkste hulpbron van het kind en als verantwoordelijke opvoeder.
Een kind gaat weer mee naar huis waar de problemen zich afspelen. Ouders weten niet hoe ze hun kind kunnen helpen als deze de oplossingsrichting heeft gevonden.
Er is een gat in de kennis en vaardigheden bij ouders en het kind moet het nu alleen opknappen.
De coach wordt gezien als deskundige die het weet en de coach vertelt wat iedereen zou moeten doen.

4- Zoeken naar de oorzaak van problemen

Hier gaat alle energie verloren om te ontdekken hoe het komt dat een kind problemen heeft.
Er wordt veel tijd gestoken in het vinden van een diagnose en een soort van schuldvraag.
Deze zoektocht levert niets op voor de oplossing van het probleem en de ontwikkeling van het kind.
Het geeft meestal alleen frustratie en verdriet over dat wat er niet oké is.

5- Geen duidelijke leerdoelen formuleren

Wanneer er een neiging is om te re-ageren op de hulpvraag is er geen visie op wat het kind zou kunnen of moeten leren.
Problemen worden meestal veroorzaakt doordat het kind zijn behoefte nog niet goed weet uit te drukken in vaardigheden.
Een goede analyse van behoeften en vaardigheden helpt om met focus een kind te helpen bij zijn leerdoelen.
Het is voor een kind en zijn ouders heerlijk om te weten hoe ze grip kunnen krijgen op hun problemen door te ontdekken wat er geleerd kan worden.
Hierdoor voelen ze zich minder ‘niet oké’ als persoon en gaat de aandacht en energie juist naar het oefenen van de vaardigheid die nodig is om het probleem op te lossen.

6- Te lang doorgaan met hulpverlenen

Wanneer er geen helderheid en duidelijkheid bestaat over het einddoel en dit niet tussentijds gecheckt wordt, wordt er eindeloos een nieuwe afspraak gemaakt.
Hierdoor gaat de energie uit de coaching en worden er alleen nog dingen gedaan zoals spelletjes en knutselen zonder focus en visie.
Bovendien wordt op deze manier het kind afhankelijk gemaakt voor hulp en zal het zich hulpeloos voelen omdat er niet duidelijk is welke mijlpalen in het echte leven gehaald worden.
Het kind leert onbewust aan dat het afhankelijk is van hulp van anderen om zich goed te voelen.

7- Het middel tot het doel maken

Omdat spel en creativiteit voor kinderen een fantastische manier is om hen te helpen iets te leren, bestaat de neiging om zich volledig te richten op dit soort  interventies.
Er worden vooral werkvormen gebruikt waardoor het kind het leuk heeft.
In feite is dit schieten met hagel wanneer er niet heel duidelijk met het kind is afgesproken wat het kind moet leren en hoe het kind dat gaat leren.
Het ontbreekt dan aan visie en een duidelijk einddoel voor de coaching.

8- Alles willen oplossen

Dit is de neiging dat een coaching pas afgerond kan worden als alles is opgelost en  het kind geen probleem meer ervaart.
In de praktijk blijkt dat je kunt stoppen als de oplossingsrichting duidelijk is en het kind weet hoe het moet oefenen met de nieuwe vaardigheden.
Leren gebeurt in de dagelijkse praktijk en